felix mendelssohn (1809-1847)

pianotrio nr.26 in re-klein (op.49)

 

I molto allegro ed agitato

II andante con moto tranquillo

III scherzo, leggiero e vivace

IV finale, allegro assai appassionato

 

mendelssohn kreeg over zijn pianotrio in re klein op.49 van Schumann te horen (in diens Neue Zeitschrift für Musik): Dit is het meester-trio van deze tijd, zoals de trio’s van Beethoven in si mol en re, en het trio van Schubert in mi mol dit waren van hun tijd! Het werk werd gecreëerd in het Leipzigse Gewandhaus in 1840 met de componist aan de piano. Het kende eerst een aantal revisies op aanraden van Mendelssohns vriend F. Hiller, die in Parijs had gewoond, het werk van Chopin en Liszt had leren kennen en sommige trekken in Mendelssohns behandeling van de pianopartij verouderd vond. Het eerste deel is romantisch, met gesyncopeerde ritmes. Het andante begint met een ‘Lied ohne Worte’ aan de piano; het scherzo – een specialiteit van Mendelssohn - is een feeëndans, een van de geslaagdste die Mendelssohn ooit schreef; de finale is een heel briljant rondo in sonatevorm, waaarbij de piano een waarlijk concertante rol vervult.